Verplichting op het aanvaarden van cash geld

Begin februari werd in de Kamer een wet goedgekeurd die ondernemers en handelaars verplicht om cashbetalingen te aanvaarden. Ondanks het feit dat cash geld nog altijd een wettelijk betaalmiddel is, steeg het aantal plaatsen waar niet met cash betaald kan worden, evenals het aantal klachten daarover. Met deze nieuwe wetgeving volgt de Belgische Staat bovendien de Europese rechtspraak en kunnen inbreuken tegen deze regels gemakkelijker bestraft worden.

Wat houdt deze wet in?

Handelaars hebben – mits enige restricties – het recht niet meer om cashbetalingen te weigeren. Dat recht is dus niet absoluut:

  • Wie online verkoopt (zonder fysieke winkel) mag in principe de mogelijkheid tot het betalen met cash uitsluiten.

  • Als met de klant vooraf werd afgesproken dat hij elektronisch zal betalen, dan mag een cash betaling uitgesloten worden. Dat kan echter geen eis zijn, maar is onderwerp van een vrijwillige overeenkomst tussen handelaar en klant. Let wel: een handelaar mag, met het oog op het voorkomen van witwaspraktijken, maximaal 3 000 euro cash geld ontvangen. Een huis of een auto volledig cash betalen bij een professionele ondernemer kan dus niet.

  • Een handelaar mag bepaalde coupures weigeren. Het al dan niet aanvaarden van bepaalde coupures (bankbiljetten en munten) berust hierbij grotendeels op gezond verstand. Een bakker die een biljet van 500 euro weigert bij de betaling van een brood zal wellicht op veel begrip kunnen rekenen. Toch is de grens niet altijd even duidelijk. Daarom heeft de FOD Economie een memorandum over de weigering van bankbiljetten door verkopers opgesteld dat duidelijkheid moet scheppen. Hierbij zou een verkoper grote coupures (200 en 500 euro) onder voorwaarden mogen weigeren als het te betalen bedrag minder dan 50% bedraagt van de waarde van de gebruikte coupures. Meer informatie vind je hier.

Handelaars zullen controle krijgen op deze verplichting en kunnen dus een sanctie krijgen van inspecteurs van de FOD Economie. Op inbreuken zullen strenge boetes staan.

Deze wet is trouwens al de tweede in minder dan een jaar tijd die verplichtingen oplegt aan handelaars inzake het betalingsverkeer in hun zaak. Vorig jaar werd immers ook een wet van kracht die handelaars verplicht om in minstens één elektronisch betaalmiddel te voorzien. Dat hoeft daarom geen betaalterminal te zijn, een systeem zoals Payconiq waarbij betalingen gebeuren via smartphone is ook goed.

Ons standpunt

Het is alvast een goede zaak dat de consument keuze heeft in de manier waarop hij wenst te betalen, of dat nu elektronisch dan wel cash is. Het is aan de consument zelf om – binnen de grenzen van een wetgevend kader – die beslissing te nemen, niet aan de handelaar. OKRA vindt het dan ook erg jammer dat sommigen de nieuwe wet als een pestmaatregel die een probleem oplost dat er niet is, bestempelen. Cash geld is en blijft een wettelijk betaalmiddel; goed dus dat het nog eens expliciet(er) in de wetgeving is ingeschreven.

In het verlengde hiervan willen we met OKRA nog eens de nadruk leggen op het belang van een vlotte toegang tot cash geld. 98% van de bevolking zou daarom binnen een straal van 2,5 km (reële afstand) toegang moeten hebben tot een geldautomaat met mogelijkheid tot het uitvoeren van basisverrichtingen. 95% van de bevolking zou deze toegang moeten hebben in een straal van 5 km reële afstand. In realiteit zou dat ongeveer neerkomen op een geldautomaat in iedere deelgemeente, zodat iedereen op een vlotte manier cash geld kan afhalen.